Evelien Polter

Leestijd ongeveer 4 minutenLeren kun je alleen als je geen stress hebt

In september opende onderwijswethouder Marjolijn Moorman het nieuwe schoolgebouw voor speciaal voortgezet onderwijs, het Orion College Amstel. Het gebouw staat aan Wibautstraat 220-222 en heeft bijzondere eigenschappen. Het is een markant herkenningspunt op de hoek van de Wibautstraat en de Ringdijk. Architectonisch is het bouwwerk apart: het is een zogenoemde halschool. Alle vertrekken zijn ontworpen rondom de centrale hal met daarin een vrijstaand trappenhuis. Hier bevindt zich een prachtig fresco van kunstenaar Cor Dik dat op dit moment gerestaureerd wordt. De hal is het architectonische middelpunt van het gebouw. Niet alleen omdat alle ruimten vanuit hier worden ontsloten, maar ook door de ruimtelijkheid en de vormgeving. Vandaar dat het gebouw van het Orion College Amstel een gemeentelijk monument is. Het meubilair, de deuren en wanden zijn in zachte kleuren blauw en groen gecombineerd met bruin geschilderd. In de hal zijn de kleuren afgestemd op het fresco. Het pand uit 1956 deed tot 2015 dienst als vmbo Banketbakkersvakschool en werd later de ROCvA vmbo-school voor horeca, brood & banket. 

Het Orion College Amstel heeft leerlingen waarvan een groot deel functioneert op gemiddeld tot licht verstandelijk beperkt niveau. Alle jongeren hebben een gedragsprobleem, hun sociale vaardigheden zijn vaak onvoldoende ontwikkeld.

Om op het Orion College aangenomen te worden is een toelaatbaarheidsverklaring vereist. Alle nieuwe leerlingen krijgen samen met hun ouders een uitgebreide intake waarin onderzocht wordt welke ondersteuningsbehoeften en hulpvragen hij of zij heeft en hoe de school daar het beste mee om kan gaan.
De school biedt ruimte aan 140 leerlingen van 12 tot 16 jaar. Het hele jaar komen er nieuwe aanmeldingen. De school wil uitbreiden met een extra klas maar daar moet locatiedirecteur Kelly van der Koelen nog een leraar voor vinden. Er is nog één lokaal beschikbaar. De leerlingen komen uit heel Amsterdam en omstreken en reizen bijna allemaal met het openbaar vervoer. Op de terugweg van school naar huis ontstaan er wel eens incidenten tussen leerlingen onderling. De school werkt samen met de jeugdagenten van stadsdeel Oost. Wanneer er ongeregeldheden plaats vinden na schooltijd zijn deze jeugdpolitieagenten snel aanwezig om dergelijke voorvallen in goede banen te leiden.

Eén van de leerlingen is Lucie, zij is 14 jaar en sinds anderhalf jaar volgt ze onderwijs op het Orion College. Ze vindt het fijn op school omdat de docenten haar begrijpen en de groepen klein zijn. Ik vraag haar waarom ze les volgt op deze school. Ze vertelt dat ze havo-vmbo-t advies had toen ze van de basisschool kwam maar dat ze veel last heeft van woede-uitbarstingen waardoor ze van haar vorige school weg moest. Haar droom is een eigen kapperszaak, ze loopt daarom één dag in de week stage bij een kapper. Dat bevalt tot nu toe niet, vertelt ze, want ze mag daar bijna niets doen.

De leerlingen krijgen les in een groep van maximaal 12 leerlingen. Zij hebben een vaste groepsleerkracht die de algemene vakken verzorgt. De leerlingen blijven het grootste gedeelte van de schooldag in hun eigen lokaal. Het gebouw heeft naast de klaslokalen een mooie grote sportzaal helemaal bovenin het gebouw, deze is te huur voor de buurt na schooltijd. Verder is er een horecaruimte waar de leerlingen kookles krijgen en een technieklokaal. 

Joanna Wathey is docent koken. Zij is een zij-instromer en heeft jaren als kok in de horeca gewerkt. De leerlingen maken tijdens mijn bezoek onder haar leiding een caesar salade maar de leverancier bracht geen kip waardoor er geïmproviseerd moet worden. Dat zorgt voor enige onrust. Joanna vindt het heel fijn om met deze leerlingen te werken. Voor haar voelt het echt als ‘haar’ jongeren. Ze ervaart het werken met hen gezellig en leuk, soms heftig, maar ze heeft geleerd om kalm te blijven.

Locatiedirecteur Kelly van der Koelen vindt een persoonlijke benadering belangrijk, daarom staat zij maandagochtend bij de deur in de gang om een praatje te maken. Zij kent bijna alle leerlingen van naam. Uitgangspunt voor Van der Koelen is dat je alleen kan leren als je geen stress hebt. De school heeft daarom gekozen voor trauma intensief onderwijs. Trauma’s kunnen bijvoorbeeld zijn ontstaan door geweld in het gezin, een vader die plotseling vertrokken is of door een afwijzing door een school. De pedagogische aanpak is erop gericht om de juiste ontspanningstechnieken te gebruiken. In elk klaslokaal is een chillplek, bijvoorbeeld een schommel of zitzak en in elk lokaal bevindt zich een afgeschermde ruimte, een kantoortje. De leerling kan zelf beslissen of hij of zij van deze ontspanningsplek gebruik maakt. 
In het gebouw is een aparte ruimte, de achterwacht, waar de jongeren heen gaan als ze merken dat ze te gespannen zijn om de les te kunnen volgen. Er zijn steeds twee achterwachtmedewerkers beschikbaar die helpen bij zelfreflectie en het zelf naar een oplossing zoeken. 

Hans Wierda is groepsleerkracht, hij volgde de opleiding tot onderwijzer. Hij begeleidt een klas waar de leerlingen één dag per week onderwijs volgen en drie of vier dagen stagelopen bij onder meer de Febo, een buurthuis en de Urban Talent Academy.  Wierda houdt van de kinderen van deze school. Thuis moet hij wel eens uitkijken met wat hij zegt omdat hij het grove taalgebruik van de leerlingen soms overneemt. Zijn vrouw en eigen kinderen stellen die woorden niet op prijs. Hij heeft er meer dan 40 jaar in het speciaal onderwijs gewerkt en gaat na dit schooljaar met pensioen.

Met de ouders is er elke dag contact als de scholier er niet is. Aan de leerplichtambtenaar wordt de afwezigheid ook gemeld. Hulpverleners doen, bij veelvuldig spijbelen, onderzoek naar de redenen van verzuim. De oorzaak kan zijn dat de leerling veel te laat gaat slapen. Bij dat soort constateringen wordt er hulpverlening ingeschakeld. 

De school heeft drie gedragswetenschappers in huis die de leerlingen en leerkrachten ondersteunen. Zij werken samen met de opvoedpoli, met zorginstelling Cordaan, met leerplichtambtenaren, de schoolarts en met de ambulante hulp Thuis & Op School van jeugdhulporganisatie Altra.

Het grootste deel van de leerlingen gaat op 16-jarige leeftijd verder naar het middelbaar beroepsonderwijs, het mbo, daar halen de meesten een diploma. Leerlingen die het niveau van het mbo niet aankunnen volgen het profiel arbeid. Zij worden voorbereid op het doen van werk bijvoorbeeld in de winkel, horeca of een magazijn.

Het Orion College Amstel heeft een mooie, goed toegeruste school, gecreëerd waar jongeren die thuis soms in een traumatische situatie verkeren een veilige leeromgeving vinden waar zij leren om met hun stress om te gaan.

 

GEPUBLICEERD IN DWARS, de buurtkrant van Amsterdam Oost