Evelien Polter

INTERVIEW

Linnaeus Leesclub!

 

Leestijd ongeveer 4 minuten

Linnaeus Leesclub bestaat uit een best wel vrolijke verzameling van 10 leesliefhebbers en een geheimzinnige fietsenmaker- zal hij ooit echt verschijnen? Eens per zes weken komt de club bij elkaar in de kelder van de Linnaeus Boekhandel. Dat klinkt luguberder dan het is. Onder het genot van koffie, thee, zoetigheden en de kordate (in)leiding van eigenares van de boekhandel Anja Duitsmann spuit de groep haar gal, worden prachtige zinnen bejubeld en meningen uitgewisseld. Vaak reiken die verder dan het onderwerp van het boek. Ook is er een appgroep. Bijzonder is dat de gesprekken van de avonden worden vastgelegd door Anneke van de Watering, één van de leden van de leesclub. Ikzelf maak ook vanaf het begin deel uit van de club en interview Anneke en Evelien. Een van de medewerkers van de boekhandel serveert ons thee met koekjes. We zijn benieuwd of er onder werktijd gelezen wordt en vragen het haar. ‘Nee hoor, lezen doen we thuis en ik lees ook niet altijd boeken uit; de boekenkast met leesexemplaren is veel te omvangrijk voor ons om allemaal te lezen’.

Foto: Frank Schoevaart

Hoe is de leesclub ontstaan en wat brengt het jou?
Evelien: ‘Als je met elkaar over boeken praat gaat het geschrevene meer leven en verwoord je wat je van een boek vindt; je maakt je het je meer eigen. Deze leesclub is lekker intellectueel en daarmee bedoel ik dat we het boek zien als een kunstwerk, waarbij de literaire traditie op tafel komt. Er is ruimte voor ieders mening en die mening wordt op prijs gesteld. Sommigen letten meer op de vorm, voor mij moet ook de inhoud me aanspreken. Het goede van zo’n avond is dat je vaak je opvatting over een boek heroverweegt.’.

Anneke: ‘Het is leuk en onwijs gezellig met deze vrouwen met eenzelfde interesse; ik houd van lezen en vind het heerlijk om over boeken te praten. Ik ben mijn hele leven al een boekenworm. We bespreken serieuze thema’s en het is leerzaam. Bijzonder is ook dat er een vertaalster in de groep zit. Het is ook niet erg als je het boek niet uit hebt; we nemen elkaar zeker niet de maat. Het zijn echt mooie avonden en vaak ga je daardoor anders naar een boek kijken en ik lees daardoor ook andere boeken. Voor mij is het intellectuele van onze leesclub dat we niet de meest makkelijke boeken kiezen. Het gaat in de bespreking verder dan het uiten van een mening. We hebben het over de literaire kracht van een boek; wat wil het boek ons zeggen?’.

Wat maakt het bijzonder dat het in de kelder van Linnaeus Boekhandel is?
Anneke: ‘Je kijkt een beetje mee met de boekhandel en het uitgeversvak; het voelt dichtbij en het is voor mij een echte sociale ontmoetingsplek, waar ook mijn vriendin uit West – de enige vrouw die niet in Oost woont- zich thuis voelt’.

Evelien: ‘Het is echt een leesclub van de buurt; de boekhandel is bekend en het geeft het gevoel dat je bij de gemeenschap hoort. Ook buiten de leesclub maak ik nu vaak een praatje in de boekhandel; ik houd ervan dat we ook horen hoe een boek het doet in de winkel’.

Lennie: ‘Ik zou graag een keer de nacht doorbrengen tussen al die boeken hier. Er staat niet één Goede zoon van Rob van Essen, maar een rij van tien dezelfde boeken. Een walhalla voor mij’.

Wat lezen jullie en hoe wordt er gekozen?
‘We lezen vooral fictie en soms non-fictie. Vaak boeken die net zijn uitgekomen en de klassieker De Idioot van Dostojevski bespraken we met een redacteur van de Russische bibliotheek. Heel interessant’.

Anneke: ‘Ik had De idioot anders nooit gelezen. Het heeft mij anders doen kijken naar de Russen. Van Menno Hartman van uitgeverij van Oorschot – door Anja voor deze avond uitgenodigd- leerden we de Russische bibliotheek te beschouwen is als een goede kaasplank: begin met iets makkelijks en bouw het dan langzaam op naar het zwaardere werk. Dit schreef ik in het verslag over deze avond. Ook pakken we met elkaar dikke boeken: zo zijn Een klein leven en Max, Mischa en het Tet-offensief hele kluiven. De keuze voor een boek gaat heel organisch en is een democratisch proces met enige manipulaties. We houden diverse rondes om onze voorkeur uit te spreken. Volgens mij voelt iedereen zich gehoord’.

Evelien: ’Anja komt meestal met een stapel boeken uit de winkel en dan begint het kiezen.  We komen snel tot consensus. De keuze van ons laatste boek Frankenstein in Bagdad kwam tot stand omdat we een boek van een niet-Europese schrijver wilden lezen. Ik ga de volgende keer voorstellenDe geheugenlozen van Geraldine Schwarz te bespreken. Het boek heeft als ondertiteling ‘De herinnering als wapen tegen het populisme’. Het gaat over de verwerking van de Tweede Wereldoorlog’.

Wat zijn de avonden of boeken die je het meest zijn bijgebleven?
Anneke: “We lazen De acht bergen, een boek dat talloze prijzen had gewonnen, maar we vonden het met z’n allen niet goed. De avond dat we het boek Lincoln in de bardo bespraken is mij sterk bijgebleven. Eerst dacht ik dat het verhaal bestond uit een trucje van de schrijver. Ik ben het gaan herlezen en heb mijn mening heroverwogen’.

Evelien: ‘De bespreking van het boek Hotel Grand Europa van Ilja Leonard Pfeijffer herinner ik me het beste. Ik was niet zo enthousiast over dat boek. Vooral de mannelijke hoofdpersoon vond ik niet erg aantrekkelijk. Tijdens de bespreking kwam aan de orde wie of wat nu eigenlijk het hoofdonderwerp van het boek was en we kwamen tot de conclusie dat dat het hotel was. Door die veranderde kijk op het boek kon ik het veel beter waarderen’.

Geschreven door Lennie Haarsma,

Gepubliceerd in Dwars, een krant voor Amsterdam Oost